Het is mogelijk voor andere fietsers om een keer mee te rijden.
Meld je dan aan bij een van de bestuursleden.
De wegkapitein beslist of je mee mag rouleren in het peleton.

 

 


Samen uit, Samen Thuis.
Clubregels voor onderweg.





Op zondagmorgen wordt er gefietst. De routecommissie bepaalt welke route gereden wordt . Het jaarlijks op te stellen routeschema geldt hierbij als leidraad. De routekapitein mag van de route of het schema afwijken.
Onderstaand de regels die wij als club hanteren als wij met de fiets onderweg zijn. Bedenk dat wij deelnemer aan het verkeer zijn en dat wij ons dus ook aan de verkeersregels moeten houden. Houdt altijd zoveel mogelijk rechts, zeker in onoverzichtelijke bochten. Denk aan tegemoetkomend verkeer. De veiligheid van iedereen, ook van overige weggebruikers, staat voorop.
Tijdens onze tochten hebben wij een route- en, bij een grotere groep, tevens een wegkapitein. Hun
taken zijn als volgt.

Routekapitein: alleen de routekapitein geeft de route aan. In de praktijk wil dit zeggen dat wij de door hem of haar aangegeven richting altijd volgen. Ook al denk je dat de richting fout is, volg je toch de aangegeven richting om, indien dit inderdaad het geval is, op aangeven van de routekapitein gezamenlijk veilig te keren. De aanwijzingen, waarschuwingen of commando’s van de routekapitein dienen duidelijk naar achteren te worden doorgegeven. De positie van de routekapitein in de groep is de tweede plek rechts. Zo kan hij of zij de deelnemers die op kop rijden het beste informeren over de te volgen route. Om mee te rouleren in de groep zal de routekapitein, als de laatste persoon de koppositie heeft ingenomen, in het rouleersysteem mee gaan draaien totdat hij of zij weer de tweede plek rechts heeft ingenomen.

Wegkapitein: De wegkapitein heeft als taak om het gedrag van de groep in de gaten te houden. Dat iedereen zich aan de verkeersregels houdt. Dat de snelheid niet te hoog wordt opgevoerd met als gevolg dat deelnemers moeten afvallen. Ook wordt er op gelet dat niemand achterblijft. Indien de snelheid voor iemand te hoog wordt, dient dit doorgegeven te worden aan de wegkapitein. De wegkapitein kan iemand desgewenst een vaste plek in het peloton aanwijzen.

Snelheid: De bedoeling is om de snelheid in het begin van de rit te beperken zodanig dat de spieren warm kunnen draaien. Na verloop van tijd zal de snelheid wat opgevoerd worden. Forceren aan het begin van de rit moet voorkomen worden. Gaat het bergop, dan rijdt iedereen zijn of haar eigen tempo. Boven wordt gewacht totdat de laatste er is. Hierna wordt korte tijd rustig gereden, zodat de laatsten op adem kunnen komen.